Elektrowinkel

De economie boomt, de koopkracht verdubbelt. In de loop van de jaren 1960 verandert de leefwereld van de mensen ingrijpend. Het blijft hard werken en sparen maar dat wordt beloond. Steeds meer huiskamers beschikken over elektriciteit. Elektrische apparaten gaan vlot over de toonbank. De koelkast, de diepvriezer, de stofzuiger en de volautomatische wasmachine betekenen een revolutionaire hulp in het huishouden. Andere toestellen, zoals de lamp voor witte tanden, de zuiger voor nagelvijlsel of de elektrische kam, blijken niet meer dan een leuke gadget.

De elektronische revelatie bij uitstek is de televisie. Hoewel de eerste tv-uitzendingen in België plaatsvonden in 1953, breekt de televisie pas goed door na het expojaar 1958. Op 15 december 1960 trouwt koning Boudewijn met doña Fabiola: voor veel mensen een reden om een televisie in huis te halen. In 1960 zijn er een half miljoen televisietoestellen verkocht, in 1972 zijn dat er al 2,3 miljoen.

Ook de radio blijft een populair massamedium. Erg gewild is de transistorradio, die een stuk goedkoper en kleiner is dan zijn voorganger, een moeilijk te verplaatsen, logge bak. De transistor is draagbaar, omdat hij ook op batterijen werkt. Huisvrouwen luisteren naar hun favoriete radioprogramma’s in de keuken, jongeren trekken zich terug in hun kamer. Veel tieners sparen voor een draagbare pick-up, een bandopnemer en later een cassetterecorder. Singles en elpees verkopen als zoete broodjes.