Cinema

De avant-gardefilms kunnen het grote publiek niet bekoren. De kaskrakers komen van over zee: The Sound of Music, The Graduate, Dr. Zhivago, My fair lady, Lawrence of Arabia, de James Bondfilms…

De regisseurs staan meer dan ooit in de belangstelling. Toch blijven sterren als Brigitte Bardot, Cathérine Deneuve, Claudia Cardinale, Alain Delon, Peter O’Toole, Omar Shariff en Sean Connery de show stelen.

In Amerikaanse cultfilms zijn agressie en geweld belangrijke ingrediënten en worden antihelden en ‘ongeschoren verliezers’ opgevoerd: Bonnie and Clyde, Easy Rider, A Clockwork Orange…

Hoe boeiend en gevarieerd het filmaanbod ook is, het publiek laat het afweten. Tussen 1960 en 1969 daalt het jaarlijkse aantal bioscoopbezoeken in België van 80 miljoen naar 30 miljoen. De wijkcinema verdwijnt. De opmars van de televisie blijkt onstuitbaar.