Schuur Wortel
Woonstalhuis Wortel - #57

Bouwperiode: Midden 18e eeuw | Afkomstig van: Wortel | Naar Bokrijk gekomen in: 1969 | locatie in het museum: Kempen

Het gebouw en haar verleden

Deze hoeve uit Wortel (ca. 1730) bestaat uit een woonstalhuis in L-vorm en een schuur. In het woonhuis werd vroeger een herberg uitgebaat onder de naam In den Hertog. In tegenstelling tot het woonhuis is de schuur in leem opgetrokken en is ze gewit. Binnen is de driebeukige structuur duidelijk zichtbaar.

Een molenaar als burgemeester

Joannes Petrus Schellekens werkte zich in 1836 op tot burgemeester van Wortel. Burgemeesters waren vaak ook belangrijke vakmannen in het dorp, zoals smeden of brouwers, of gegoede boeren. Schellekens was een molenaar, maar hij bezat ook een brouwerij, een stokerij en heel wat grond. Behalve dit huis had hij nog enkele woonhuizen in Wortel.

Alleen de dorpselite mocht stemmen

Als molenaar verdiende Schellekens goed. Hij betaalde daardoor ook hoge belastingen. Alleen wie veel belastingen betaalde, mocht stemmen en zich verkiesbaar stellen. Pas vanaf 1893 had elke volwassen man minstens 1 stem. Wie rijk was of gestudeerd had, had er 2 of 3. Vrouwen mochten pas in 1921 meestemmen bij gemeenteverkiezingen. Schellekens kon goed lezen en schrijven en sprak ook Frans. Dat was een extra troef. In Wortel was toen bijna de helft van de bevolking ongeletterd. Burgemeester van een dorp bleef je vaak voor een langere periode. Schellekens was 36 jaar lang burgemeester van Wortel.

Een molensteen als drempel

De houten molen van Schellekens stond oorspronkelijk niet in Wortel. Hij werd rond 1826 in zijn geheel overgebracht vanuit het dorpje Harveng (Henegouwen). 15 jaar later kocht Schellekens de molen. Kijk naar de drempel aan de deur van de zijgevel. Het is een halve molensteen die het jaartal ‘1826’ draagt. Zo zag iedereen dat hier een molenaar woonde.